Oikos Fellowship

"En terwijl zij baden, werd de plaats, waar zij vergaderd waren, bewogen; en zij werden allen vervuld met de Heilige Geest en spraken het woord Gods met vrijmoedigheid." (Handelingen 4:31)
  1. Je kunt het geloof vergelijken met een knecht/slaaf. Uit welke gelijkenis komt dat? En noem 3 overeenkomsten tussen het geloof en een knecht/slaaf.
  2. We hebben niet meer geloof nodig, maar moeten het geloof dat we hebben gebruiken. Er zijn verschillende voorbeelden waarin mensen in geloof de eerste stap zetten en er pas daarna dingen gaan gebeuren. Vind 3 voorbeelden daarvan in zowel het OT als het NT.
  3. Oligopistos is Grieks voor kleingelovigen, in Mattheus 6:30, 8:26, 14:31, 16:8. Op welke manier hadden zij meer geloof kunnen tonen? En suggereren deze versen toch niet dat er zo iets bestaat als een groot en een klein geloof?
  4. Waarom zou het woord geloof (faith) maar zo weinig in het OT voor komen? In het OT 2x (bv Hab 2:4) en in het NT zo'n 260x.
  5. Welke betekenissen heeft het woord geloof?
  6. Waar komt ons geloof vandaan, waarop is het gebaseerd? (Gal 5:22, Joh 3:34, Ef 2:8)

© Oikos Fellowship